Specifiek voor de zaaldienst gelden de volgende punten:

  • Benoem (per blok) een persoon tot Coronacoördinator.
    • Deze persoon is bedoeld als aanspreekpunt voor alle teams.
    • Deze persoon maakt zich kenbaar met het fluorescerende hesje.
    • Deze persoon is niet aan het fluiten!
  • Vraag aan de aanvoerder/coach van elk team of er klachten zijn binnen dat team;
  • Publiek is alleen toegestaan op de tribune. Reguleer ook het publiek en stuur deze weg indien ze niet aanwezig horen te zijn;
  • Neem je eigen fluitje en pen mee! Er zijn geen fluitjes en pennen meer in de koffer. Leen ook geen fluitje van teamgenoten!
  • Voor elke wedstrijd moeten de ballen worden gedesinfecteerd door de teams.
  • Zorg ervoor dat de teams het DWF op hun eigen mobiel invoeren. Indien deze niet goed is ingevoerd, mag de wedstrijd niet worden gestart.
  • Zorg bij het invoeren van de uitslag op het DWF dat je de bevestiging voor de teams invoert.
  • Probeer tussen de twee rondes het aantal spelers in de zaal zo laag mogelijk te houden.
    • Teams moeten zich zo veel mogelijk thuis omkleden. Indien nodig, stuur alle teams zo veel mogelijk naar verschillende kleedkamers.
    • Haal teams op uit de kleedkamers zodra een veld beschikbaar is voor die wedstrijd.
    • Zo lang als een team nog geen wedstrijd heeft, mag er ten hoogste een persoon per team aanwezig zijn in de zaal.
    • Teams verlaten de zaal via de binnenste deuren, en komen de zaal binnen via de buitenste deuren.
  • Desinfecteer je gebruikte klemborden na elke wedstrijd.